Zoet en keurig, maar ook onweerstaanbaar charmant

Nog jaarlijks stond Doris Day op haar verjaardag op het balkon van haar huis op een heuvel in Carmel-by-the-Sea, Californië, te zwaaien naar de fans die zich beneden hadden verzameld. Het waren er nog altijd enkele honderden, die ze via een mobiel telefoontje aan haar oor bedankte voor hun gelukwensen. Ze droeg meestal een buitenmodel zonnebril, terwijl haar intussen spierwitte kapsel gemodelleerd bleef naar het kittige model dat ze ook al droeg in de jaren zeventig, toen ze nog blond was en langzaam maar zeker afscheid nam van haar vak. Over haar leeftijd liepen de meningen intussen uiteen: zelf noemde ze 1924 als haar geboortejaar, maar volgens haar biograaf moet dat twee jaar eerder zijn geweest.

Ze overleed maandagochtend op – waarschijnlijk – 97-jarige leeftijd in datzelfde huis op de heuvel in Californië, bevestigde de Doris Day-stichting.

Doris Day was, hoe dan ook, een van de populairste sterren uit de Amerikaanse showbizzgeschiedenis, als zangeres en als filmactrice. En daarna was ze ook als dierenbeschermingsactiviste, via haar Doris Day Animal League, razend populair. Er was een tijd, vooral in de jaren tachtig, dat menigeen haar werk afschreef als burgerlijke zoetigheid – treffend beschreven in de grappige jammerklacht ‘Doris Day’ van de groep Doe Maar, anno 1982: „Hee, er is geen bal op de tv/ alleen een film met Doris Day…” Maar haar onverwoestbare charme bleef onaangetast.

Bovendien kwam er allengs meer oog voor haar capaciteiten. Zo nam ze in 1989 een ere-Golden Globe in ontvangst voor haar gehele filmoeuvre en in 2008 een ere-Grammy voor haar prestaties op de plaat. Alleen een ere-Oscar is haar nooit toegekend.

Ze heette Doris Mary Ann Kappelhoff en was afkomstig uit een geslacht van Duitse immigranten in Cincinnati. Ze wilde danseres worden, maar liep door een auto-ongeluk een beenblessure op die dat haar onmogelijk maakte. Terwijl ze genas, werd ze thuis aangestoken door de dansorkesten die hun populaire liedjes op de radio speelden. Ze zong mee en besloot dat ze óók bij zo’n orkest wilde horen. Eind jaren dertig kreeg ze haar eerste engagementen en mocht ze zelfs al voor de radio optreden.

Haar eerste faam dateert uit de oorlogsjaren, toen ze de vaste zangeres was van het eminente jazzorkest van Les Brown. Daarmee maakte ze in 1945 ook haar eerste hit: het romig gearrangeerde ‘Sentimental Journey’, dat onder meer de harten beroerde van de Amerikaanse soldaten in verre oorden die popelden om af te zwaaien en, vervuld van heimwee, terug te keren naar de omgeving van hun jeugdjaren. Door de troostende koestering van haar stem, haar vlekkeloze dictie en haar soepel swingende voordracht werd ze meteen een ster. Ze bleef toeren met Les Brown en de zijnen en werkte wekelijks als zangeres mee aan een druk beluisterde radioshow van komiek Bob Hope.

Haar tweede carrière, als filmactrice, begon drie jaar later, toen de populaire Betty Hutton wegens zwangerschap haar rol in de musicalfilm Romance on the high seas moest afzeggen. Moeiteloos kwam Doris Day door de te elfder ure uitgeschreven auditie heen. Die film leverde haar bovendien haar tweede hit, ‘It’s magic, op.

Vervolgens maakte ze de ene film na de andere. Een vroeg hoogtepunt was de western-musical Calamity Jane, waarin ze een van haar grootste hits ten gehore bracht: het van verlangen vervulde Secret love. En nog veel meer succes boekte ze met het uiterst meezingbare Que sera, sera (whatever will be, will be), een vlot levenslesje dat ze zong in de Hitchcock-thriller The man who knew too much (1956). Die film, waarin ze een rijk geschakeerd emotioneel arsenaal liet zien, werd algemeen beschouwd als bewijs dat Doris Day een serieus te nemen actrice was. In antwoord op de vraag hoe hij die onverwachte diepten in haar had aangeboord, zei Hitchcock eens: „Dat was ik niet, dat was Doris.”

Romkom

Toch werden de romantische komedies, met of zonder zang, wel haar handelsmerk. Tegenover heel wat mannelijke Hollywood-idolen (Rock Hudson, David Niven, Cary Grant, James Garner) was Doris Day voortdurend het pittige jonge vrouwtje dat sexy kon zijn zonder haar deugdzaamheid te verliezen. Het genre werd in 1960 door filmredacteur Jan Blokker in het Algemeen Handelsblad, voorloper van deze krant, beschreven als „dat wat gelikte soort Amerikaanse komedies waarin mensen die mekaar tenslotte trouwen, altijd beginnen elkander te haten.” Een andere tegenspeler, de acteur Oscar Levant, zou naar aanleiding van haar brave filmimago eens hebben gezegd: „Ik heb Doris Day nog gekend voordat ze een maagd was.”

Haar grootste hits uit die tijd waren veelal de filmtitelsongs, zoals ‘Tea for two’ (niemand heeft een kopje thee romantischer bezongen dan zij), ‘Pillow talk’ (in Nederland uitgebracht als Slaapkamergeheimpjes) en het eigentijdsere ‘Move over darling’, mede geschreven door haar zoon Terry Melcher, die een prominent platenproducer was, maar al in 2004 aan kanker overleed.

In de loop van de jaren zestig raakte Doris Day echter danig uit de mode, deels door haar eigen toedoen. Aan gewaagdere projecten wilde ze zich niet branden. Zo weigerde ze de rol van Mrs. Robinson, de vrouw van middelbare leeftijd die een bleue student verleidt in The Graduate. Ze vond het script „vulgair en stuitend”, zei ze later in het blad Vanity Fair. Vervolgens liet actrice Anne Bancroft zien hoeveel eer er met die rol kon worden ingelegd.

Daarna maakte Doris Day nog enkele grote tv-shows, maar bleef ze overwegend buiten beeld. Al benadrukte ze in een tv-interview in 1994, bij het verschijnen van een album met nooit eerder uitgebrachte opnamen: „Niets is voorbij tot het voorbij is.”

Source link
2019-05-13 17:51:34

nuno-show.nl

error: Content is protected !!

This Area is Widget-Ready

You can place here any widget you want!

You can also display any layout saved in Divi Library.

Let’s try with contact form: