Het doet nog steeds zeer bij Ajax

Het kweken van eelt heeft tijd nodig. Daar kwam ik de afgelopen dagen achter toen ik de Ajax-fans onder mijn vrienden tegenkwam. Er lag maar een flinterdun vliesje over hun ziel. Eén zucht uit mijn mond en het leek al te scheuren.

Een radio-collega deed de handen voor zijn oren toen ik op hem afliep. Het Verlies was al twee dagen oud, maar de man wilde er eigenlijk nog steeds met niemand over praten.

Of er in mijn geboortestad Rotterdam was gejuicht voor de Spurs?

Er een verschil is tussen haat en rivaliteit, probeerde ik mijn vrienden uit te leggen. Haat haalt het slechtste in een mens boven, daar is niemand bij gebaat. En rivaliteit heeft zo z’n scherpe kanten, maar nooit zo dat je elkaar alles misgunt. Ja, ik gunde Ajax die finaleplaats en natuurlijk werd Ajax terecht kampioen.

De jeuk die je voelt als je een kort gemaaid grasveld ziet. Dat droge plofje bij een lange pass. Het snelle tikken tijdens een driehoekje tussen spelers. Een bal door de benen tikken. Dat spelplezier had Ajax dit seizoen in overvloed.

Terwijl Utrecht in de Arena werd weggespeeld, bladerde ik terug in mijn opschrijfboekje. Even gluren naar de notities tijdens de halve finale.

Eriksen ziet landgenoot Dolberg vlak voor aanvang en kijkt van: ‘Hè, spéél jij?’ De Ligt en zijn granieten voorhoofd. De blote tepels van Ziyech na een schot op de paal. Zenuwachtige fan zuigt op amulet. Pochettino spuugt kauwgummetje uit.

Toen kwam de klap, de dreun, de mokerslag.

Wilde krassen van mijn vulpen. Drie lijken in gras. Televisieverslag: het glipt weg, het glipt weg, het is weg. Bij Frenkie staat een trek op zijn gezicht die doet vermoeden dat hij in één wedstrijd een jaar ouder is geworden. Op kale achterhoofd van Ten Hag zit rood scheervlekje.

Er viel ook een onbedoelde grap die avond, lees ik terug in mijn schriftje. Van Gaal die zich in een naam verslikt en zegt: ‘Onano speelde een wereldwedstrijd.’

Na de halve finale was er geen plaats voor humor. Ik probeerde het bij een Amsterdamse vriend: hadden die Ajacieden die zo lang bleven liggen terwijl er nog een minuut te spelen was geen gele kaart moeten hebben voor spelbederf? En zag je Tadic rommelen, bij die cornervlag?

Tegenover me zag ik een asgrauwe kop.

Hielp het als ik vertelde dat in Rotterdam achttien competitiejaren lang een bombardement aan hoon over de stad was uitgestort? Nee, dat hielp niet.

Sport deed zeer.

Zelfs het officieuze kampioenschap bevrijdde veel Ajacieden nog niet van Het Verlies. Ten Hag: „We vieren het als het écht binnen is. Maar dit mag gewoon niet verkeerd gaan.” Dit mag niet verkeerd gaan? Ajax staat drie punten en veertien doelpunten voor. Zelfs het vertrouwen van de kalme coach heeft een deukje opgelopen.

Mijn vrienden zullen op het Museumplein staan voor het kampioensfeest. Elkaar aaien, veel klappen voor het team, dan begint het eelt misschien langzaam te groeien.

Wilfried de Jong is schrijver en programmamaker.

Source link
2019-05-12 19:14:11

nuno-show.nl

error: Content is protected !!

This Area is Widget-Ready

You can place here any widget you want!

You can also display any layout saved in Divi Library.

Let’s try with contact form: